Zoeken
  • Jan van Deursen

Grijze mus


‘Marianne, ik ga naar boven. Voor de 367e keer proberen een Deurpost te schrijven…’ Met die woorden beklom ik gisteren de trap. Ik overdrijf natuurlijk: het waren hooguit twintig pogingen. Allemaal overleefden ze mijn kritische blik niet. Niet interessant. Te larmoyant. Wie zit hier op te wachten? Allemaal al eens gezegd. Te hoogdravend. Gelul. Als ik geen teksten voor opdrachtgevers kan schrijven, zit de deur kennelijk ook muurvast in de Deurpost.

Want dat is wat er aan de hand was. Ik kreeg er geen beweging meer in. Het gevaar dat jarenlang latent aanwezig was onder de oppervlakte van mijn werkend bestaan, openbaarde zich dit jaar in alle hevigheid. Ik was te afhankelijk van de inkomsten van één grote opdrachtgever, met een kleine kring van wisselende kleintjes daaromheen. En als die grote klant dan moet afhaken – niet omdat die dat graag wil, maar omdat hij simpelweg ophoudt te bestaan – heb je een probleem. Ik wist het, maar liet het begaan. Het ging zoals het ging en ik begon te geloven in mijn eigen onaantastbaarheid.

Sommige mensen reageerden verrast toen ze vernamen dat tegenover de opgedroogde inkomsten geen uitkering stond. ‘Tuurlijk niet, ik heb als zzp’er toch geen premie betaald? Dan heb ik er toch geen recht op?’ Zo moest ik mijn probleem ook nog eens uitleggen. Alsof het nog niet genoeg pijn deed.

Beelden van 1979 keerden terug op mijn netvlies. Toen, als net afgestudeerd onderwijzer, kwam ik ook niet aan de bak. Ik zwolg in de muziek van Joy Division, The Sound, Comsat Angels of The Clash… Bands die erin slaagden om het tijdperk nog wat zwarter te inkten. Alsof Dries van Agt en Margaret Thatcher het niet alleen af konden.

En nu dus terug bij af. Anderen van mijn leeftijd zijn hun carrière al aan het afronden. Schaapjes op het droge, een afbetaald huis, vrolijk beleggen en de aanschaf van een camper voor de voorgenomen trektocht door Europa, na ondertekening van de vertrekregeling. En ja hoor… daar komt Van Deursen dan nog eens aankakken. Moet op zijn 56e doodleuk opnieuw beginnen. Daar kiest hij dan ook nog eens een ideaal tijdvak voor uit. Ik ben in alles een laatbloeier – vakanties, studies, concertbezoek, de liefde – maar dit slaat alles.

Het probleem is dat ik mezelf moeilijk kan verkopen. Ik ging een kortstondig maar vruchteloos avontuur aan met een bureau dat 50-plussers aan de bak wil helpen. Het enige inzicht dat is blijven hangen is dat mijn generatie veel te bescheiden is. Jongere mensen hebben er geen enkele moeite mee om elke veer die ze op twitter in hun achterste gestoken krijgen, schaamteloos te retweeten. De gil van de pauw: niet om aan te horen maar hij trekt wel de aandacht en de mensen kijken onwillekeurig naar zijn verentooi. Dan kun je het shaken als grijze mus.

Vaak hoor je mensen zeggen dat die vogel aan het verdwijnen is. Maar in onze tuin klinkt elke dag het vrolijke gekwetter van een uitgelaten gezelschap mussen. Daar trek ik me dan maar aan op. Sinds de zomervakantie komt er wat meer werk op me af. Het is nog lang niet genoeg en er kan nog veel meer bij, zegt het voort. Maar toch. De grijze mus krijgt niemand klein.


2 keer bekeken

© Van Deursen Teksten 2020